Skip to main content

Best of the Fest – IFFR in LUX

| Rob Comans | Film
Best of the Fest – IFFR in LUX
Foto: © Participant Media / FilmNation Entertainment / ImageNation Abu Dhabi 2014

Diegenen die dit jaar niet bij het International Film Festival Rotterdam (IFFR) aanwezig konden zijn, konden afgelopen zondag alsnog hun filmhart ophalen tijdens het Best of the Fest programma in LUX. Dit jaarlijks terugkerend evenement presenteert in een aantal filmblokken, verdeeld over één dag, de hoogtepunten van de laatste editie van het befaamde filmfestival in Rotterdam. Verplicht voer voor cinefielen, dus Ugenda was uiteraard van de partij.

Het Best of the Fest gebeuren bracht deze redacteur in zaal 1 van LUX door, waar een aantal producties op het programma stonden waar ik al lang naar uit heb gekeken. Met name A Most Violent Year (2014), de nieuwe film van regisseur J.C. Chandor, die eerder al hoge ogen gooide met het zijn sterke debuutfilm Margin Call (2011), kon op mijn onverdeelde aandacht rekenen. En Chandor stelde niet teleur.

Morele schemerzone

A Most Violent Year (2014) vertelt het verhaal van Abel Morales (Oscar Isaac), een ondernemer die in het New York van 1981 een stookolie-bedrijf runt. Op het moment dat hij een voor zijn bedrijf cruciale investering doet, begint een serie van gewelddadige overvallen op zijn chauffeurs waarbij tankwagens worden gestolen. Daarnaast licht Justitie, in de persoon van openbare aanklager Lawrence (David Oyelowo) Morales' bedrijf grondig door op zoek naar bewijs van illegale praktijken. Als de druk op Abel van alle kanten flink wordt opgevoerd, en het toenemende geweld ook zijn gezin niet langer buiten spel laat, dreigt hij in een morele schemerzone te belanden, te meer daar zijn vrouw Anna (Jessica Chastain) nauwe banden onderhoudt met de maffia.
Chandor levert met A Most Violent Year wederom een superieure film af, die zowel werkt als spannende thriller en als verhandeling over het maken van morele keuzes. Ook Margin Call laveerde al tussen deze beide terreinen, maar dan met betrekking tot de financiële wereld. Maar waar Margin Call cynisch eindigt (de beleggingsmaatschappij die centraal staat in de film vergiftigt de financiële markt willens en wetens met ondeugdelijke producten teneinde zelf het vege lijf te redden, en staat zo aan de wieg van een financiële crisis die miljoenen mensen zal ruïneren) is er aan het einde van A Most Violent Year ruimte voor hoop. Tenminste, hoop in de zin dat Abel Morales het doel (het veilig stellen van zijn bedrijf en gezin) weet te bereiken zonder zijn toevlucht te hoeven nemen tot geweld of het inleveren van zijn onafhankelijkheid. Maar Chandor windt er geen doekjes om. Wanneer de chauffeur Julian (Elyes Gabel), die na een overval op de vlucht sloeg en nu gezocht wordt door de politie, in zijn wanhoop zichzelf door het hoofd schiet dicht Abel eerst het kogelgat in een getroffen olietank, en bekommert zich dan pas om zijn dode werknemer. De bredere implicaties van deze scène zijn duidelijk: de prijs van olie wordt letterlijk in bloed betaald, en de levens van soldaten en burgers die daarvoor worden opgeofferd zijn slechts bijkomende schade. Een niet mis te verstaan commentaar van J.C. Chandor op de neo-imperialistische houding van Amerika in het Midden-Oosten, waar niet zozeer a war on terror wordt uitgevochten, als wel a war for oil wordt gevoerd.

Mannen in de woestijn

De tweede film in het programma, Loin des hommes ('ver van de mensen'; 2014) van de Franse regisseur David Oelhoffen is eveneens zeer sterk. In dit drama, dat zich afspeelt in Algerije ten tijde van de onafhankelijkheidsoorlog tegen Frankrijk (1954-1962), wordt de leraar Daru (sublieme rol van Viggo Mortensen) tegen wil en dank opgezadeld met de gevangen genomen Algerijn Mohamed (Reda Kateb). Hij dient deze te begeleiden naar een nabij gelegen stadje waar de man, die verantwoordelijk is voor de dood van zijn neef, terecht zal staan. Tijdens hun zware tocht door het Atlas-gebergte krijgen de twee mannen te maken met familieleden die zich willen wreken, het Franse leger en Algerijnse rebellen. Desondanks groeit er langzaam een band tussen de twee mannen. Naarmate het afscheid nadert, en Mohamed dient te worden overgeleverd aan een schijnproces waarbij klassenjustitie vrijwel zeker zijn dood zal bepalen, nemen Daru's twijfels dan ook hand over hand toe. De schuldbewuste Mohamed daarentegen is vastbesloten om zijn straf te ondergaan.....
Bij tijd en wijle ademt Loin des hommes de beklemming en het drama van films als Delmer Daves' 3:10 to Yuma (VS 1957), Anthony Mann's The Naked Spur (VS 1953) en Hal Ashby's The Last Detail (VS 1973). Maar Oelhoffen introduceert een interessant nieuw gegeven in zijn film: Daru is een naar het buitenland geëmigreerde Arabier die, bij terugkomst in Algerije, door zowel de Fransen als de Arabieren als een vreemdeling wordt gezien. Daru verschilt in dat opzicht dus niet wezenlijk van Mohamed, die ook te maken krijgt met het racisme van de Fransen en het onbegrip en verlangen naar eerwraak van zijn volksgenoten. Beiden mannen zijn dus ontheemden, die nergens thuis zijn – een lot dat treffend wordt verbeeld door de manier waarop de mannen door de kale uitgestrektheid van het Atlas-gebergte en de omringende woestijn lijken te worden verzwolgen.

Vrouwenproblemen

Dan volgen er nog twee, helaas beiden teleurstellende, films: het Franse Girlhood (Bande de filles; 2014) van Céline Sciamma en Phoenix (2014) van de Duitse regisseur Christian Petzold. Eerstgenoemde film is een coming-of-age drama waarin de moeizame tocht naar volwassenheid van de zwarte tiener Marieme (Karidja Touré) centraal staat, die in de Franse banlieues rondom Parijs opgroeit, samen met haar moeder, oudere broer, zusjes en vriendinnen. Petzold's film daarentegen centreert zich rond Nelly (Nina Hoss), een jonge overlevende van de Duitse vernietigingskampen die in het naoorlogse Berlijn haar leven weer tracht op te pakken, en hoopt op een blijvende hereniging met haar echtgenoot Johnny (Ronald Zehrfeld), die haar dood waant. Beide films falen helaas jammerlijk om te overtuigen: Bande de filles blijft steken in het hinderlijke posturing van de zwarte meiden, en Phoenix gaat ten onder aan het melodramatische verhaal en de irritante slachtofferhouding van Nelly. Ondanks een veelbelovende premisse ontstijgen beide producties helaas niet het niveau van oppervlakkig arthouse-vermaak; in beide gevallen een gemiste kans.


Getagd onder

  • Wat
    Best of the Fest
  • Waar
    LUX Nijmegen
  • Wanneer
    8 februari 2015

Rob Comans

Cultuurwetenschapper / filmhistoricus / cultureel redacteur.