Skip to main content

Superlatieven schieten tekort voor 2001: A Space Odyssey *****

| Karl van Heijster | Film
Superlatieven schieten tekort voor 2001: A Space Odyssey *****
Foto: Warner Bros. Pictures

Eigenlijk zijn maar twee dingen in het leven zeker: we gaan allemaal dood en de maanlanding heeft nooit plaatsgevonden. Ga maar na: waarom zou je helemaal naar de maan reizen als je ook een meesterregisseur als Stanley Kubrick de boel in scène kunt laten zetten?

Was getekend, complotgekkies van over de hele wereld. Het is ongetwijfeld het meest paranoïde compliment dat een filmmaker ooit heeft gekregen. Maar het compliment is terecht. Want ook nu nog is 2001: A Space Odyssey een onverminderd indrukwekkende belevenis over een mensaap die een bot oppakt, waarna een astronaut het op moet nemen tegen een supercomputer. 

Artistiek meesterwerk

Oké, op papier lijkt er misschien weinig logica achter schuil te gaan. Maar Kubricks sciencefictionklassieker uit 1968 is niet voor niets een mijlpaal in het genre - wat zeg ik: in de filmgeschiedenis. Wat begon als een propagandafilm voor de ruimtevaart groeide onder zijn visie uit tot een artistiek meesterwerk, een hypnotiserende meditatie over de menselijke evolutie.

De evolutie op celluloid vastleggen… een minder bescheiden doel als filmmaker kun je je eigenlijk niet stellen. Kubrick doet het in één scèneovergang. Een mysterieuze monoliet verschijnt in het leven van een groep mensapen. Vervolgens valt er een kwartje: rondslingerende botten kunnen worden gebruikt als knuppel, een werktuig om de omgeving mee te manipuleren. Het is een sleutelmoment in het verhaal van de mensheid, de mogelijkheidsvoorwaarde voor alles wat zal komen. Het euforisch omhoog geslingerde werktuig verandert in een flits in een ruimteschip. Het werktuig heeft de mens van slachtoffer tot heerser van zijn omgeving gemaakt.

Visueel verpletterend

Maar of hij een heerser zal blijven, moet nog maar blijken. We schrijven het jaar 2001. Een al even mysterieuze monoliet op de maan stuurt de inmiddels hoogontwikkelde mens richting Jupiter. Het bot is vervangen door supercomputer HAL 9000, een machine die zo complex is dat hij de mens op elk niveau lijkt voorbij te streven. Zal het werktuig de mens opnieuw een slachtoffer van de, nu door hem zelf gecreëerde, omgeving maken?

Wie zich nu naar de bioscoop haast, ontvangt een visueel verpletterend antwoord op deze vraag. Om nog maar te zwijgen van de unieke kans te kunnen begrijpen waar al die gekkies nu al vijftig jaar over lopen te raaskallen. Gevolgd door een sceptische herziening van al die beelden van de maanlanding, die - zeg nu zelf - er nog niet half zo overtuigend uitzien als Kubricks meesterwerk. Gaan dus, nu.

Was getekend, een complotgekkie.


Getagd onder

Karl van Heijster

Schrijver, filosoof, grapjas: Karl van Heijster is het allemaal een beetje.