Black Coal
Dé verrassing van de Berlinale in 2014 was dat de Chinese thriller Bai Ri Yan Huo (Black Coal, Thin Ice) met de grootste filmprijs van het festival aan de haal ging. Dat is al bijna een jaar geleden, en nu draait 'ie eindelijk in de filmhuizen. Zij het met een verkorte internationale titel, Black Coal. Het is een eerbetoon aan dat schitterende genre: film noir.
Lichaam
Op een lopende band met een lading steenkool wordt een mensenarm gevonden. Overal in een straal van vele kilometers duiken lichaamsdelen op. Al snel vindt de politie twee verdachten, maar een arrestatiepoging loopt extreem in de soep. Beide verdachten dood, twee politieagenten dood en één zwaargewond. De agent die ontkomt, Zhang Zili (Liao Fan), hoeft voorlopig niet terug te komen.
Vijf jaar later is Zhang een dronkenlap die een fabriek bewaakt. Bij toeval raakt hij weer betrokken bij dezelfde zaak, want de weduwe van toen gaat opvallend vaak om met mannen die ineens verdwijnen. Zhang heeft weinig anders om handen, en duikt op eigen houtje in de zaak. Allereerst gaat hij naar de wasserette om contact te leggen met Wu Zhizhen (Lun Mei Gwei), de weduwe.
Stukjes
Black Coal kent vooral heel veel fijn filmische momenten, maar mist net een consistentie om als geheel uit te blinken. De arrestatiescène in de eerste akte is een voorbeeld van een stukje dat schitterend is. De onbenulligheid waarmee alles uit de klauwen loopt maakt de afloop extra onverwacht. Een pistool valt gewoon uit een jaszak, een van de twee verdachte broers pakt ‘m gewoon even op. Oeps, agent doodgeschoten. Je ziet het, maar laat het bijna net zo stom over je heen komen als de mensen die in het shot actie zouden kunnen nemen.
Maar daarna is het weer even wachten op iets wat net zo’n harde indruk maakt. Dat gebeurt een paar keer tijdens de film. En zeker dankzij de felle kleuren die afsteken bij de donkere contouren ziet alles er prachtig uit. Bovendien zijn er veel inventieve camerabewegingen en –standpunten. Deze film is op zijn minst goed uitgedacht.
Ontknoping
Een belangrijk element waar de film waarschijnlijk net tekortschiet is de clou van het alles. De beste noirs laten je achter met een zeer bittere nasmaak, zelfs wanneer de afloop relatief goed is. De schoonheid schuilt in de zwartgalligheid. Black Coal heeft ook zo zijn onthulling aan het eind, en dat is er een die de film zijn bestaansrecht geeft. Maar tilt ‘ie de film naar een hoger niveau? Niet zozeer. Wel sluit de film af met een laatste mooie visuele vondst, die tenminste nog op dat vlak de cirkel rondmaakt.
De Gouden Beer lijkt vooral een waardering voor het talent dat deze film laat zien, minder voor de film als geheel. En hopelijk wordt de prijs ook opgevat als een aansporing om meer met dit genre te spelen. Want dat laat de film wel zien: China is nu een uitstekende plek om deze filmstijl een thuis te geven. En misschien bloeit er dan wel iets nieuws uit op.
***
Getagd onder
-
WatBlack Coal
-
WaarLUX
-
Wanneernu