Skip to main content

Films ontdekken in San Sebastian: Voor The Chase had ik thuis kunnen blijven

| Ted Chiaradia | Column
Films ontdekken in San Sebastian: Voor The Chase had ik thuis kunnen blijven

Eigenlijk was ik helemaal niet van plan om over film te schrijven. Onze Peter Verstraten doet dat immers veel beter. Maar zodra het filmfestival van Cannes weer in volle glorie draait, kriebelt het bij mij nog steeds. Want wie wil er nou niet bij zijn als Chantal Janzen en Romee Strijd op de rode loper schitteren? Maar nu even serieus. Meer ben ik getriggerd door het interessante verhaal van filmjournalist Kevin Toma donderdag 6 mei in de Volkskrant over de Argentijnse film Trenque Lauquen. En, eerlijk is eerlijk, Verstraten had ons twee jaar geleden al gewezen op deze wonderlijke cinema.

Over de inhoud van de film hoef ik het dan ook niet hebben, heb er niets aan toe te voegen.  Nee, ik wil het meer hebben over het fenomeen filmfestival en de zin ervan. Vroeger riep ik al voor de gein als mij gevraagd werd wat ik op zo’n festival deed: ‘Zuipen en naar de hoeren!’ Tegenwoordig heet dat netwerken, een drankje, een hapje en een praatje. Echt films ontdekken doe je er nog nauwelijks. Bijna alle films die vertoond worden op die grote festivals komen immers toch automatisch in de Nederlandse bioscoop. Waarom nog dat reizen naar die buitenlandse festivals?

Kleine hype

Het verhaal van Kevin Toma maakt een ding duidelijk, de goede journalist, de echte filmconnaisseur, doet zijn ontdekkingen allang niet meer in de competities van de gerenommeerde festivals zoals in Cannes. Nee, hij ontdekt online, speurt op internet in de catalogus van de Blu-ray labels voor fijnproevers. Daar zijn de vergeten parels, de onontdekte meesterwerken nog te vinden, nauwelijks nog op festivals, niet in de bioscoop en al helemaal niet op streamingplatforms. Ook Trenque Lauquen kwam zo boven water. Volgens Peter Verstraten ‘zo ongeveer de meest imponerende film van de eeuw’.


trenque lauquen image2


En om het nog gekker te maken: Toma zelf nam het initiatief om filmtheaters te stimuleren dit meesterwerk te vertonen en was niet te beroerd om hierbij als gastcurator op te treden. Zo ontstond een kleine hype rondom Trenque Lauquen in de filmtheaters van Arnhem, Eindhoven, Groningen, Rotterdam en Maastricht, met goed bezochte voorstellingen; Focus in Arnhem was stijf uitverkocht. In Nijmegen bleef het jammer genoeg stil, hier deden we het met de sprookjes van Novio Magica.

Los Domingos

Dat je helemaal geen ontdekkingen meer doet op buitenlandse filmfestivals, is natuurlijk niet helemaal waar, maar de cinemahysterie - zakelijke buzz - die altijd gecreëerd lijkt te worden, is al jarenlang zwaar overdreven. Zelf zoek ik zo ook wel eens mijn favoriete filmplekjes op, maar dan meer in de niche. Het Ritrovato Filmfestival in Bologna bijvoorbeeld, een ware snoepjeswinkel voor de klassieke cinema.

Het SSIFF – International Film Festival in San Sebastian – met altijd een heel sterke Spaanstalige vertegenwoordiging, is ook mijn favoriet.  De prijswinnaars daar blijken later vaak onverwachte successen te zijn in het art-house circuit. Los Domingos van de Spaanse cineaste Alauda Ruiz de Azúa – nu te zien in LUX – won vorig jaar de Gouden Schelp als beste film. Hartverscheurende cinema over een moderne familie die uit elkaar dreigt te vallen omdat de 17-jarige dochter zich wil aansluiten bij een nonnengemeenschap. Een meesterlijke coming-of-age vertelling met vragen over geloof en spiritualiteit, zonder oordelend of veroordelend te zijn.


IMG 8458

Alauda Ruiz de Azúa

Het jaar daarvoor ging een andere verrassende film er met de hoofdprijs vandoor: Tardes de Soledad van Albert Serra. Een meeslepende en bij vlagen hypnotiserende documentaire over het stierenvechten. Ook dit portret over de schoonheid en de gruwel van het spel werd een onverwacht succes in de filmtheaters. Dat zo’n festival ook een extra impuls kan geven, bleek in 2017. Het Chileense Una Mujer Fantastica beleefde zijn première in Berlijn op de Berlinale, maar werd pas maanden later opgemerkt in SSIFF. Een zeer succesvolle release volgde langs alle filmtheaters van dit emotionele portret van een transvrouw die vecht tegen uitsluiting en discriminatie.

Wat ik verder zag in San Sebastian? Daar kom ik later nog wel eens op terug en anders Kevin Toma wel als ie weer een verloren meesterwerk ontdekt al surfend langs de digitale catalogi van zijn favoriete Blu-ray labels. De nieuwste film van Claire Denis – de grande dame van de Franse cinema – The Fence bijvoorbeeld of het hele oeuvre van de Waalse cineast Joachim Lafosse met zijn recente sensitieve Six Jours ce Printemps-la (Six Days in Spring). Zelden is er nog een plek voor in de cinema.

The Chase

Van SSIFF 2025 is mij The Chase het meest bijgebleven, de klassieker uit 1966 van Arthur Penn. Actueler dan ooit. Een film die ik niet eens kon zien omdat een grote Palestinademonstratie (Genozidioa Stop) mij belette om op tijd in de bioscoop te zijn.

Penn overrompelde in 1967 de filmwereld met zijn allergrootste succes Bonnie and Clyde, maar in The Chase was zijn meesterhand al zichtbaar. Een film vol met sterren, vooral memorabel door de slotscène waarin Marlon Brando als sheriff met alle macht zijn gevangenis beschermt tegen een oprukkende hysterische massa en het daarbij flink moet ontgelden. Het volk van een dorp in Texas, opgestookt door het kwade geniuspact tussen EG Marshall en Robert Duvall, wil buiten het recht om de onschuldig geïnterneerde Robert Redford lynchen.

chase


De actualiteit zat 'm in het feit dat op dezelfde avond dat ik The Chase miste, honderden kilometers verder, op het Malieveld in Den Haag de anti-immigratie protesten ontaardden in extremistisch geweld en brandstichting. Bij de hevige protesten en rellen van nu in Loosdrecht, IJsselstein en waar nog meer, lijkt het inmiddels alsof we met zijn allen in de thriller van Arthur Penn terechtgekomen zijn. Precies zestig jaar na de film beleven we een levensechte ‘Chase’, met dit verschil: Rob Jetten is geen Marlon Brando, Bart van den Brink is geen Robert Redford. En, nou vooruit Gidi Markuszower lijkt een beetje op EG Marshall, maar Mona Keijzer is in de verste verte geen Jane Fonda. Al zal ze er vast wel eens over dromen in haar bedje.


Deel dit artikel