Review Nijmeegs Boekenfeest
Geslaagd literair feest voor (weinig) jong en (veel) oud
Het is inmiddels een bekend evenement in de regio; het Nijmeegs Boekenfeest als aftrap van de landelijke Boekenweek. Ook dit jaar stroomt concertgebouw De Vereeniging vol met literair geïnteresseerde grijsaards, om grote schrijvers als Kees van Kooten, Oek de Jong en Dimitri Verhulst te aanschouwen, poëzie te snuiven of de voetjes van de vloer te doen. Dit alles in het thema van de 78e Boekenweek: Gouden Tijden, Zwarte Bladzijden.
Hoewel ik hier duidelijk tot de meest dunbevolkte generatie behoor, zie ik toch heel wat bekende leeftijdgenoten, veelal gerelateerd aan mijn Letterenstudie. Het kan dan ook schandalig genoemd worden dat ik nooit eerder het Nijmeegs Boekenfeest heb bezocht. Want wat is het toch fijn, die literaire wereld. Ik word bevangen door een bepaald ouderwets sfeertje, een gevoel van ‘Zie je nou wel, er zal altijd behoefte blijven bestaan aan gedrukte letters op papier!’.
Van Kootens oeuvre
Na een vluchtige opening door de Nijmeegse stadsdichter betreedt Kees van Kooten – schrijver van het Boekenweekgeschenk 2013– het podium. Tijdens de Boekenweek treedt hij iedere dag ergens anders op en Nijmegen is na het bekende Boekenbal zijn eerste bezoek. “Ik heb besloten niet uit mijn Boekenweekgeschenk voor te dragen, maar gedurende de week door mijn eigen oeuvre heen te gaan”. Zodoende neemt hij ons mee naar zijn eerste werk in de Haagsche Post, ergens in de jaren zestig.
Zijn cabareteske voorkomen maakt dat hij de lachers al snel op zijn hand heeft. Met name verhalen als Zwijgstront en De koffer met poep doen het goed. “Rijdend poepen op een rijdend toilet. Bestaat er iets feestelijkers voor een kind? Twintig tot dertig keer per dag, tel daar onszelf nog bij op. Na twee dagen was het chemisch toilet dus vol”. De gedachte: kan het nog erger? wordt direct bevestigd wanneer hij illustreert hoe hij een kroeg binnenloopt met een overvol chemisch toilet en uitgebreid ingaat op de manier waarop hij deze probeert te legen.
Zwarte bladzijden
Met een grijns op mijn gezicht verlaat ik de zaal en begeef me naar het café om na te praten, met een biertje erbij. Naast overwegend positieve reacties, hoor ik echter ook dat Van Kootens optredens altijd nagenoeg hetzelfde zijn en dat hij toch meer cabaretier is dan schrijver. En past dat wel op zo’n feest?
Veel tijd om hierbij stil te staan is er niet, aangezien het literair tijdschrift Op Ruwe Planken (ORP) in het café een programma verzorgt. De aankondiging van een nieuw literair verbond, voorgedragen poëzie en muzikale intermezzo’s, allen door jonge mensen, werpen een frisse blik op de avond. Een erg leuk initiatief van ORP zijn de zogenoemde stiftdichten die door het hele concertgebouw gemaakt kunnen worden. Hoofdredacteur Wout Waanders legt uit: “Met het thema van de Boekenweek kunnen wij niet zoveel. Het is een beetje saai. Maar met zwarte bladzijden kunnen we wel iets! Pak dus die zwarte marker en streep maar weg tot er iets nieuws ontstaat!”
De (k)laa(r)(t)komer
Na een luisterstop in de kleine zaal bij de indrukwekkende, maar moeilijk te behappen gedichten van Hagar Peeters en de heerlijke liedjes van singer-songwriter Awkard I, ga ik weer terug naar de concertzaal. Al snel loopt de gehele zaal vol voor Dimitri Verhulst, met name bekend van De helaasheid der dingen. Een imago waar hij naar eigen zeggen weleens vanaf wil. De Vlaamse schrijver wordt geïnterviewd door Jasper Henderson; mijns inziens een slechte match. Telkens wanneer Verhulst zijn ironische, haast zwartgallige kant laat zien, valt Henderson snel terug in zijn voorbedachte en weinig fantasierijke vragen. Verhulst blijft echter Verhulst, dus wordt het desalniettemin een hilarisch gesprek. “Toen ik in groep 7 of 8 zat, twijfelde ik over mijn beroepskeuze. Ik dacht aan gynaecoloog”. “Waar ging het mis?” “In het internaat”.
Zijn nieuwe boek - “Het gaat heten De laatkomer, en hoewel het al anderhalf jaar klaar ligt, realiseerde ik me vorige week ineens dat het verhaspeld zal worden tot De klaarkomer” – gaat over een oude man wiens grootste wens uitkomt wanneer hij zijn dagen mag slijten in een bepaald bejaardentehuis en daar ook nog zijn eerste lief tegenkomt. Wij mogen getuige zijn van zijn eerste voordracht uit dit nieuwe werk, met de typische Verhulst-stijl in volle glorie: “Het zijn enkel de schaamdelen die ingezeept en wel de kist ingaan, opdat de uitvaart niet in een viszweem ontaardt”. Dat belooft veel goeds!
Jong en oud
Mezelf geen tijd gunnend om te treuren over de optredens die ik heb moeten missen, ga ik naar de kleine zaal voor het afsluitende Goed Fout Feest. De naam doet zijn eer aan, want dj’s Lenkens & Alain Fènèr draaien dusdanig foute, oude liedjes dat menig a-ritmische zestiger het op een dansen zet.
Al met al ga ik met hetzelfde fijne gevoel weg als waarmee ik binnenkwam. Het is mooi om te zien hoeveel aandacht de Nederlandse literatuur nog geniet en dat er nog altijd jonge mensen zijn die dat willen voortzetten. Ik hoop dat ik op mijn zestigste net zo kan genieten van dergelijke avonden vol ingenieuze taalvondsten. En nu snel de boekhandel in voor het Boekenweekgeschenk!
Wat: Nijmeegs Boekenfeest
Waar: Concertgebouw De Vereeniging
Wanneer: zaterdag 16-03-2013
Door: Eva-Marijn de Vries
Foto’s: Peter van de Ven
Website Wintertuin
{ugallery}boekenfeest{/ugallery}