Ritrovato Bologna 2025: Filmklassiekers populairder maar ook urgenter dan ooit
Normaal bericht ik niet zo snel over wat ik doe en waar ik ben. Maar voor de klassieken, de filmklassiekers welteverstaan, maak ik een uitzondering. Op dit moment bezoek ik de 39e editie van Il Cinema Ritrovato, het grote filmfestival van klassiekers in Bologna.
In de eerste decennia nog een kleinschalig en wat exclusief gebeuren voor filmwetenschappers en eigenaardige cinefielen -voornamelijk oudere mannen. Tegenwoordig uitgegroeid tot een groots festival. Een waar walhalla voor liefhebbers van de filmklassiekers, dat een groot publiek trekt vanuit de hele wereld waaronder, het kan niet vaak genoeg gezegd worden, heel veel jongeren en niet alleen studenten. Overduidelijk is de groeiende belangstelling voor deze oudere films vergelijkbaar met de revival voor vinyl in de muziekindustrie; booming.
Klassieke meesterwerken in de open lucht
Het dagelijkse hoogtepunt is hier de vertoning van een film in de openlucht op het grote Piazza Maggiore. Vorig jaar was Wim Wenders’ Paris, Texas de absolute hit, waarmee het latere succes in ons land gemakkelijk te voorspellen bleek. Deze keer was het immense plein letterlijk te klein voor het alweer vijftig jaar oude One Flew over the Cuckoo’s Nest met Jack Nicholson in de hoofdrol en voor Chaplin’s meesterwerk uit 1925 Goldrush, met live begeleiding van het grote orkest van Bologna.
Dat het vertonen van klassieke cinema inmiddels ook politiek geworden is, bleek wel bij de opening. Zowel directeur Gianlucca Farinelli als beide artistieke leiders benadrukten het belang van het bewaren, bewaken en conserveren van de klassieke cinema. ‘In een tijd dat in de grootse en oudste democratieën wetenschap en cultuur zo bedreigd worden, is het beschermen van het cinematografische erfgoed belangrijker en urgenter dan ooit!’
Als openingsfilm werd dan ook heel toepasselijk gekozen voor een tragikomedie uit 1953 van Luigi Comencini La valigia dei sogni, waarin een oude filmoperateur, als liefhebber van oude filmkunst, de laatste filmresten wil redden voor ze naar ‘het slachthuis van de filmvernietiging’ gaan. In het naoorlogse Italië was het filmcelluloid inmiddels veel meer waard geworden voor recycling ten behoeve van de moderne producten als haarspelden en pingpongballen. Zeker niet de beste film maar wel licht van toon en ondanks het politieke kantje vooral een leuke kijkervaring. En dat geldt hier voor de meeste films op het festival, je hebt zo je ontdekkingen, doet nieuwe ervaringen op, maar vooral overheerst het plezier van het kijken naar al die mooie pareltjes.
Tien procent voor de klassiekers
En is het hier in Bologna met name de laatste tien jaar steeds drukker geworden, in ons land sijpelt langzaam het belang van de filmklassiekers door. Deze weken ruim aandacht voor het werk van de Japanse grootmeester Akira Kurosawa. Onze bovenmeester van de film Peter Verstraten, wijdde er in de Ugenda een prachtig artikel aan: ‘IJzeren choreografie, allemaal meesterwerken’. Terloops merkte hij hierbij op: ‘iedere titel staat twee keer op het program.’
En hier begint het bij mij meteen dan te schuren, meesterwerken en dan maar twee vertoningen. In de goede oude tijd toen het Filmhuis alleen één filmzaal had, kreeg dergelijke meesterlijke cinema meer aandacht! Ik wil hier nog een keer een wijs advies geven: ‘Filmtheaters voldoe aan je cinematografische doelstelling en durf gewoon tien procent van je programma te besteden aan klassiekers.’ Het betaalt zich uiteindelijk gemakkelijk terug! En dat de commerciële markt de filmklassiekers ontdekt heeft, is inmiddels ook duidelijk geworden hier in Bologna. Heel veel Amerikanen dit jaar, en niet alleen omdat ze voor even hun culturele dictatuur wilden ontvluchten, maar omdat ze zaken willen doen; handel in klassieke cinema en cultureel erfgoed. En dat heeft tegelijk ook weer zijn keerzijde. Er wordt (te)veel in dollars gedacht en de copyrights zullen zienderogen stijgen.
In dat licht was de sluitingsfilm in de openlucht niet vrij van een statement. Sergei Eisenstein’s Staking (Stachka), precies honderd jaar geleden gedraaid, vlak voor zijn meesterwerk Pantserkruiser Potjomkin. Een geweldige voorstelling, met live begeleiding van een ensemble van free jazzmusici, die de activistische cinema nog meer power gaf. Spoorwegarbeiders die in staking gaan tegen de uitbuitende klasse van het grote geld. En zoals zo vaak eindigt het in een bloedbad.
Geen hond voor Killer of Sheep
En dan was er nog Killer of Sheep als de film met misschien wel de meeste belangstelling in een prachtige restauratie van 4K. Een van de eerste Black American films uit 1978 over de dagelijkse worstelingen van een zwarte gemeenschap in een buitenwijk van Los Angeles. Op de Berlinale in Berlijn destijds bekroond, maar voor de rest werd de film van Charles Burnett over het hoofd gezien. Bewust of onbewust, destijds had men geen oog voor de echte zwarte cinema.

Gelukkig is na Black Lives Matter het tij gekeerd en trekt deze Killer of Sheep volle zalen. Ook in het najaar in ons land, want de film is aangekocht voor distributie. Een herinnering nog, in 1982 werd de film ook door Filmhuis Nijmegen vertoond, er kwam geen hond! Dat was voor het oeuvre van de keizer van Japanse cinema Kurosawa anders. In zijn Seven Samurai nam een bezoeker zijn hond mee – wat toen nog kon – zijn baas was door de drie en een half uur spanning blijkbaar zo in trance, dat hij vergat zijn huisdier even uit te laten, waardoor de hond letterlijk voor het filmscherm zijn behoefte moest doen!
Fotografie: Lorenzo Burlando