Met krulspelden in het haar: Wanda (Barbara Loden, 1970)
Toen de Franse actrice Isabelle Huppert te gast was bij de Criterion Closet om haar favoriete films te kiezen uit de enorme kwaliteitscollectie, pikte ze als eerste Wanda (Barbara Loden, 1970) eruit. Ze houdt van de titelheldin, zei ze, en vooral van de scène waarin Wanda in de rechtbank arriveert, met haar krulspelden nog in haar haar. Lodens bijzondere kleinood wordt vanaf donderdag opnieuw in roulatie gebracht en zal op woensdag 11 maart in LUX Rewind te zien zijn om 19.15 uur.
Laten we die heruitbreng maar als een verlaat eerbetoon aan Loden beschouwen. Tijdens haar leven dat in 1980 vanwege borstkanker op slechts 48-jarige leeftijd eindigde met naar verluidt de woorden ‘Shit, shit, shit’, heeft de film in het verdomhoekje gezeten door een weinig positieve ontvangst. Mede om die reden is het haar ook nooit gelukt om aan haar regiespeelfilmdebuut een vervolg te geven. Wanda heeft pas postuum een gunstige reputatie gekregen. Heden ten dage wordt Wanda erkend als een cultklassieker en staat zelfs op nummer 49 van de Sight and Sound poll 2022 van beste films aller tijden.
In de studie Still Life: Notes on Barbara Loden’s Wanda typeert Anna Backman Rogers de film als een ‘anti-Bonnie and Clyde movie’ (58). In de ogen van Loden waren zij te glamoureuze vrijbuiters. Afkomstig uit ordentelijke milieus hebben Bonnie en Clyde met hun knappe uiterlijk volop mogelijkheden in het leven. Als zij desondanks in onfortuinlijke situaties terecht komen, hebben zij dat geheel aan zichzelf te wijten.
Wanda, daarentegen, zo stelde Loden in een interview, is geboren in een omgeving die zo godvergeten lelijk en destructief is dat ze er onmogelijk in kan functioneren. En haar tragiek is dat ze ook niet kan ontsnappen aan die wereld. Om die inherente lelijkheid te benadrukken, is de film gedraaid op 16 mm, met een grofkorrelige textuur. De kleren die Wanda in de film draagt, hadden slechts zeven dollar gekost, want Loden stond erop dat cast en crew, ondanks het bescheiden budget, fatsoenlijk betaald zouden worden volgens de vakbondsregels.
Blij met lange celstraf
Voor haar film was Loden geïnspireerd door een krantenbericht over Alma Malone, die bij een bankoverval op 23 september 1959 in Ohio op de uitkijk had gestaan. Ze wordt drie weken nadien gearresteerd, terwijl haar partner in crime, die ze ‘Mr. Ansley’ noemde, bij de gijzeling van de bankdirecteur is gedood. Als Malone tot twintig jaar celstraf wordt veroordeeld, bedankt ze de rechter voor het vonnis en slaakt ze een zucht van verlichting: ‘Blij dat het allemaal voorbij is.’
Loden is geïntrigeerd door Malones reactie en begint al in 1961 aan een script. In die periode heeft ze, net 28 jaar, een klein rolletje gehad in Wild River (1960) van Elia Kazan, die haar vervolgens een grotere rol aanbiedt in Splendor in the Grass (1961), naast Warren Beatty en Natalie Wood. Kazan neemt haar onder haar hoede, en zal hoewel 23 jaar ouder dan Loden, in 1967 met haar trouwen. Naar haar zeggen bemoeit Kazan zich niet met de enige speelfilm die ze zal regisseren (en waarin ze zelf de rol van Wanda vertolkt), omdat hun aanpak diametraal verschilt: hij is precies en methodisch, terwijl Loden liever aankijkt wat op haar afkomt.
In wezen openbaart dit onderscheid in werkwijze de inzet van Wanda: de samenleving is zodanig gestructureerd dat een man planmatig kan opereren. Een man heeft een afgebakende ambitie en realiseert die vervolgens. Volgens Loden is dat niet weggelegd voor vrouwen vanwege de patriarchale structuur van samenlevingen. En al helemaal niet voor een sociaal gemarginaliseerde vrouw als Wanda, met wie Loden zich emotioneel verwant voelt, omdat ze zelf in een arm gezin in een dorp is opgegroeid, waar ze door een strenge vader klein werd gehouden. Tot mijn dertigste, zo zei de in 1932 geboren Loden, heb ik als een zombie rondgedoold.
Lege handtas
Via haar relatie met Kazan kan Loden zich weliswaar ontplooien, maar dat wil niet zeggen dat ze in ‘vrijheid’ kan leven, om dat gevleugelde begrip van de jaren zestig tegencultuur aan te halen. Als Kazan het Arthur Miller-toneelstuk After the Fall op de planken brengt in 1964, cast hij Loden in de Marilyn Monroe-rol alsof hij wil accentueren hoe afhankelijk zij, als vrouw, van hem is. Wanneer Kazan in 1969 de autobiografische film The Arrangement maakt, kiest hij niet zijn eigen acterende vrouw, maar laat hij Faye Dunaway de rol van Gwen (‘Barbara Loden’) vertolken. Niet vreemd dat Loden, gekooid in een huwelijk met een man die gewend is de lakens uit te delen, zegt een hevige connectie te voelen met Wanda.
Ofschoon er een donkere schaduw ligt over de reputatie van Kazan, omdat hij in de periode van de communistenjacht onder McCarthy collega’s heeft verklikt, is Loden van mening dat een man in principe een loopbaan kan uitstippelen. Een vrouw is noodgedwongen pragmatischer van aard: zij moet zich proberen te voegen naar de omstandigheden die zich voordoen. Wanda is zo wanhopig dat ze erin toestemt dat haar ex de voogdij over de twee kinderen krijgt. Ze zal verwoede pogingen doen om haar levensstandaard te verbeteren en we zien haar van hot naar her trekken, wandelend door de stad, reizend door industriële landschappen en door steenkoolgebieden. Mannen die ze ontmoet, hebben haar weinig te bieden, en voor iemand die niets kan teruggeven, is een eventuele ‘tegenprestatie’ fysiek van aard: seks ondergaat ze lijdzaam.
Ze ontmoet Mr. Dennis en vestigt haar hoop op hem, met fatale gevolgen. Deze man sleurt haar mee in een slecht voorbereide overval en terwijl hij wordt gedood, weet Wanda te ontkomen. Na een bezoek aan een bar wordt Wanda tegen het einde van de film bijna verkracht, maar ze slaat de belager ternauwernood van zich af. Dat ze daarbij haar lege handtas gebruikt, beschouwt Backman Rogers als een veelzeggend detail: ze had al zo goed als niks, maar nu is ze helemaal alles kwijt; Wanda is leeggezogen door een maatschappij waarin vrouwen in armoedige omstandigheden letterlijk kansarm zijn. Ze kunnen enkel opklimmen met hulp van anderen (lees: mannen), maar wat als het minkukels zijn die enkel hopen op een verzetje?
Versus Easy Rider
Wanda won de prijs van de internationale critici op het Filmfestival van Venetië, maar daarna werd het snel stil rond de film. Er verschenen negatieve kritieken van invloedrijke recensenten, zoals Chuck Kleinhans en Pauline Kael. Zij vonden dat de film zonder sprankje hoop was: te deprimerend en te nihilistisch. Bovendien werd Wanda als anachronistisch betiteld: het riep herinneringen op aan de Grote Depressie in de jaren dertig en leek ver verwijderd van de flower power-mentaliteit. Als de motorrijders in Easy Rider (Dennis Hopper, 1969) vrijheid belichamen, dan geldt voor Wanda dat ze muurvast zit, ondanks haar (rond)reisdrang. Als de hoofdpersonen in Easy Rider door kogels worden vernietigd, dan wordt Wanda afgestompt door een samenleving die onverschillig is over haar lot (Backman Rogers, 60).
De tijdgeest lijkt er debet aan dat Wanda slechts spaarzame vertoningen kende. Feministen omarmden Lodens film niet, omdat zij hunkerden naar representaties van vrouwen die vooruitgang boekten in het leven. Emancipatie moest geassocieerd worden met het motto van bevrijding, maar Wanda komt enkel van de regen in de drup. Dat ligt niet aan karakterzwakte, zo hield Loden haar kijkers voor, maar zij wordt gekraakt door het sociale systeem. Deze strekking werd pas daadwerkelijk erkend toen Bérénice Reynaud midden jaren negentig een belangwekkend essay over Wanda schreef; in 2003 volgde verdere waardering, toen Huppert persoonlijk een heruitgave financierde van de film op DVD.
Onzichtbare vrouw
In hun artikel ‘Nothing of the Sort’ betogen Adrian Martin en Cristina Álvarez López dat Wanda niet als een quasidocumentaire moet worden beschouwd. Het lijkt misschien ‘cinéma verité’ (alsof de camera een soort werkelijkheid vastlegt), maar de shots zijn te zorgvuldig gecomponeerd. Wanda laat zien dat er geen ruimte is voor het hoofdpersonage en ook dat zij geen ruimte in beslag wil nemen: zij typeren Wanda als een ‘onzichtbare vrouw’. We zien haar tegen een muur gedrukt, in een hoek van de kamer, helemaal op de rand van een bed. Of we zien haar op een drempel, bijvoorbeeld van een kantoor, alsof ze wacht op toestemming en ook op de instructie hoe je een ruimte moet betreden.
Het is verleidelijk om Wanda te plaatsen naast de cinema van John Cassavetes die in met name de jaren zestig en zeventig furore maakt met zijn onafhankelijke producties. Maar zo stellen Martin en Álvarez López terecht, de films van Cassavetes zijn ‘hysterisch’. Alle energie wordt door de personages veruitwendigd; zij leggen hun hele ziel en zaligheid bloot. Bij Wanda, daarentegen, is alle energie naar binnen geslagen.
Loden behoort tot het selecte gezelschap van vrouwen in de filmindustrie die zowel voor als achter de camera hebben gestaan. Andere voorbeelden zijn onder anderen Ida Lupino, Agnès Varda, Kira Muratova en Elaine May (die laatste in onder meer de zeer aanbevelenswaardige en echt grappige zwarte komedie A New Leaf uit 1971 - in Eye Amsterdam te zien op vrijdag 6 maart). Juist als je in je eigen geregisseerde films acteert, zo citeren Martin en Álvarez López de Franse regisseur Luc Moullet, is de dappere uitdaging om jezelf lelijker en belachelijker te maken dan je daadwerkelijk bent. Loden heeft zich wat dat betreft niet gespaard: dat is waarschijnlijk precies de reden waarom Huppert die krulspelden zo bejubelt.