Skip to main content

Poëzie van het toeval

| Ted Chiaradia | Column
Poëzie van het toeval

Met regelmaat schrijft onze columnist (en inmiddels hoofdredacteur van Ugenda )Ted Chiaradia een stukje over wat hem bezighoudt op cultureel gebied, wat hij meemaakt, wat hij vindt of – zoals in dit geval – over dansvoorstelling Silenzio, over PvdA en Groenlinks en over Krzysztof Kieslowski.

Niet dat ik vandaag van plan was om over film te schrijven, juist niet, maar door het herlezen van de laatste recensies op Ugenda denk ik inmiddels: “Is dit de personeelssite van Doornroosje? Dat kan toch niet de bedoeling zijn.” Dan maar  aandacht voor het werk een van de belangrijkste Europese filmauteurs van de laatste decennia, Krzysztof Kieslowski. Een aantal van zijn films, waaronder het bekroonde Trois Couleur: Bleu, draait op dit moment in LUX.

Maar eerst iets heel anders: samenwerken. Gisteren hoorde en zag ik een stel oude partijcoryfeeën van PvdA en van GroenLinks over en weer lid worden van elkaars partij, om zo de samenwerking en de aanstaande fusie te onderstrepen. De oude Job Cohen en Hedy-we moeten onderhandelen met Poetin-d’Ancona meldde zich spontaan aan bij GroenLinks. En Andrée van Es betaalt voortaan ook contributie aan de Partij van de Arbeid. Zal vervolgens vast ook rode rozen uitdelen. Treurig allemaal, dat juist deze generatie, deze grijze boomers, de nieuwe progressieve golf moeten symboliseren: ‘Weer meedoen met de macht!’ Welke macht?

Nee, dan word je blijer en optimistischer van de huidige samenwerking tussen de podia in Nijmegen. In Programma voor de Stad, het gezamenlijke aanbod van de Stadsschouwburg, LUX en de Lindenberg, dat anders niet te zien zou zijn. Vrijdag 3 februari Silenzio van LeineRoebana. Bloedmooie moderne dans, live begeleid met accordeon en cello. Zo mooi dat het lijkt alsof het lichaam een wordt met de klanken.  ‘Beelden die stilmakend mooi zijn,’ aldus de Theaterkrant.

Ergens las ik dat je de voorstelling Silenzio kunt zien als metafoor voor een glimpje eeuwigheid, dat biedt vertroosting. Vertroosting bieden doet zeker het werk van de Poolse, in 1996 overleden, cineast Kieslowski. Na al die jaren zijn werk nu weer terugzien op het grote doek, is een medicijn voor geest en voor gemoed.

Kieslowski, waarom? Zo mooi en treffend verwoorden zoals Kevin Toma in het januarinummer van het culturele magazine Zout deed met: “Stiekem houd ik toch van Veronique”, kan ik niet. Te intellectueel en ik ben geen filosoof.

Het werk van de Poolse filmmeester kunt je beredeneren, zelfs dood analyseren. Zijn steeds terugkerende thema’s, zijn motieven: het lot, het toeval, schuld en boete. Zijn christelijke symbolen, zijn spiegeling van handelingen of personages, de invloed van zijn vaste filmcomponist Zbigniew Preisner, de donkere beelden, de beklemmende sfeer.

Maar grootse cinema gaat simpelweg ook over voelen en ervaren en juist niet denken. En dat gebeurt juist bij zijn oeuvre. De herkenning in de dolende ziel, de eenzaamheid. Er is geen hartverscheurender verdriet voelbaar dan in zijn bekendste werk Trois Couleur: Bleu, waarmee Kieslowski in 1993 in Venetië de hoofdprijs won. Niet zozeer het ongeluk waarbij Juliëtte Binoche haar man en kind verliest doet pijn, maar juist haar verwerkingsproces waarbij ze afstand doet van al haar bezittingen. Dat gevoel, die emotie is me altijd bijgebleven.

trois couleurs bluetrois couleurs: blue

Was eens zo euforisch na het voor de zoveelste keer zien van Bleu, dat ik spontaan een bezoekster op het voorhoofd kuste. We gaan daarvoor terug in de tijd naar oktober 2005. LUX bestond vijf jaar en organiseerde toen al een retrospectief over de Poolse meester. De wodka vloeide rijkelijk en ook voor, de destijds vermaarde filmjournalist en goede vriend van de cineast, Peter van Bueren. Hij kwam voor een inleiding op het werk van zijn vriend. Het werd een waar ontroerend requiem met drank, sigaretten en nog meer drank. Zowel voor Kieslowski, als voor Van Bueren het vaste recept. Ik weet nog dat een mevrouw van de Rotary tussen al dat gelal aan mij vroeg: ‘Is dit zo’n film opening?’

À la Blind Chance – film uit 1987 van Kieslowski – kwam ik afgelopen dinsdag per toeval een oude vriend tegen die me erop attendeerde dat Trois Couleur: Rouge voor laatst werd vertoond in LUX; Trois Couleur: Blanc had hij ook al gemist. Missen is geen optie, dus snelde ik naar de cinema en zag zo na jaren Rouge eindelijk weer eens op het grote filmscherm. En tot mijn verrassing was ik niet de enige; de zaal was voor meer dan voor de helft gevuld met gelijkgestemde cinefielen.

Trois Couleur: Rouge uit 1994 is het laatste deel uit de Franse trilogie en in alles zie je dat dit een cinematografisch sluitstuk is. Alle thema’s komen uitvoerig nog eens aan bod. Rouge zit daardoor, in vergelijking met het meer serene Bleu, overvol van symboliek. Wonderschoon is het einde waarbij een groot passagiersschip op weg naar Engeland vergaat en slechts een tiental mensen wordt gered, alle hoofdfiguren uit de trilogie. Jean-Louis Trintignant, in zijn rol als oude rechter, ziet de beelden op tv, hij ziet zijn jonge evenbeeld en herkent de studente waarmee hij een vriendschap sloot; er vloeit een traan van verdriet. Toeval, lot? Als ik de filmzaal verlaat herken ik plotseling tal van mensen. Bekende, vaste bezoekers van Filmhuis O42. Het voelt alsof ook zij zojuist gered zijn. Net niet vergaan in het dolende, zinkende schip van de cinema. Een van hen zegt nog bij het weglopen: ’Hier zullen we het voorlopig mee moeten doen!’ Voor even voel ik dezelfde emotie als van de oude rechter. Gelukkig brengt de koude wind buiten mij weer bij zinnen.

La double vie de V ronique re release st 3 jpg sd high 1920x600La double vie de Veronique

Maar op 12 of 14 februari zal ik vast weer door een poëtisch toeval geraakt worden. Dan vertoont LUX de door velen beschouwd als de allermooiste Kieslowski, La Double Vie de Veronique. In 1991 een absolute sensatie en de best lopende film van het toenmalige Cinemariënburg. De soundtrack met Van den Budenmayer van Preisner was een ontdekking.  ‘Misschien bent u aan het einde van de film -La Double Vie de Veronique- ook niet meer exact dezelfde persoon die aan de kassa het kaartje kocht.’ Aan die woorden van Kevin Toma in Zout heb ik niets toe te voegen. Besmet geraakt door het Poolse cinemavirus. Niet te weerstaan. Laten we alleen smeken en bidden om meer vertoningen. En ook hopen op Blind Chance uit 1987, want daar draait het letterlijk om toeval. Het toeval van de poëzie.


Deel dit artikel