Een positief verhaal over social distancing, bij voorbaat excuses
De wereld is vijandig. Ik sluit de gordijnen, kruip in een veilige houding op de bank met alleen een kop vers gezette koffie om mijn gemoedstoestand op te warmen, druk op play en wacht tot de bekende klanken van de Netflix-bumper me een halfuurtje topvermaak met een pratend paard beloven. Dit is wat me door de dagen helpt, waarin het universum me met de dag een stukje onverschilliger lijkt; dit is mijn ding. En dan breekt ineens de coronacrisis uit.
Het is maar om te zeggen dat als het op een vrije dag je eerste impuls is om jezelf thuis op te sluiten en films te bingen, die thuisisolatie helemaal niet zo veel anders is dan het dagelijks leven. Je bouwt geen filmkennis op door de diem te carpe’n. Kijken doe je in een kleine omgeving, waar de muren niet zomaar op je afkomen, maar je knuffelen. In je comfortzone. Dat is ook waar de coronacrisis me toe veroordeelt, misschien net een tikkeltje meer met de zweem van een isolatiecel, desalniettemin lekker thuis.
Je gaat bijna denken dat mensen die ‘van wonen een hobby maken’ dat juist doen om deze benauwing uit te komen. Dingen veranderen aan het huis om meer van de buitenwereld binnen te halen, zodat ze niet worden geconfronteerd met hun saaie persoonlijkheid. Probeer eens te zwelgen in dat saaie, dat is best lekker. En, zo blijkt nu, best behulpzaam. Maar goed, er is me niet gevraagd om te schrijven hoeveel het leven voor mij hetzelfde is gebleven deze tijden, maar hoe het anders is. En er is genoeg veranderd.
Agenda schmagenda
Het heeft me zeker twee weken gekost om te beginnen mijn agenda te legen, alle afspraken eruit te halen waarvan ik al tijden wist dat ze niet meer door konden gaan. Persvoorstellingen voor films in gesloten bioscopen, podcastopnames met gasten die ik niet meer in huis mag ontvangen en helaas ook veel inleidingen voor speciale filmvoorstellingen die geannuleerd zijn. Ik liep ze nu maar allemaal na en drukte op het kleine prullenbaklogootje van de agenda-app. Dag inkomsten, doei creatieve uitlaatklep.
Is dit hoe de ontkenningsfase in een traumaverwerkingsproces voelt? Zo lang mogelijk willen doorgaan alsof er niets veranderd is? De trigger om eraan te beginnen was uiteindelijk juist dat er nieuwe opdrachten binnenkwamen in de anderhalvemetersamenleving. Een inleiding op video voor een film die nu alleen op Picl wordt uitgebracht, een recensie van een nieuwe Netflix Original, een podcastopname via Skype. Er is minder geld in omloop in coronatijd, en het zijn minder bezigheden dan voorheen. Het is dus anders, maar toch ook een beetje hetzelfde. Allemaal dingetjes die mijn ontkenningsfase misschien opnieuw voeden.
Wat me positief opvalt is dat ik sommige vrienden nu vaker zie dan voorheen. Vrienden die Nijmegen uit zijn verhuisd. Vroeger dacht je er niet aan om een of twee keer per week Skype op te starten, maar nu je niet meer – met nog veel grotere intervallen – in de auto kunt springen om naar de andere kant van het land te rijden wordt er gevideobeld bij de vleet. Eindelijk echt dat beeldtelefoon-utopia waar sciencefictionfilms al decennialang op zinspeelden. Ik pubquiz ook weer veel vaker dan in maanden. Want wie had durven denken dat het spelformat dat van tv naar de kroeg is getransporteerd zich zo vlijtig naar internet liet vertalen?
Ik mis wel de bioscoopzaal. Die donkere ruimte met alleen aandacht voor het ene opgelichte rechthoek, waar je stoel direct naartoe is gericht, met een alles verzwelgend geluidsysteem. Waar je wel geïrriteerd raakt van schermen van mobieltjes, juist omdat de jouwe daar niet de enige is, en je die overigens sowieso uitzet als je naar de film gaat. Want, al geloof je niet in fatsoen, dat is fatsoen. Ik mis me ergeren aan de mobieltjes van anderen, in plaats van moedwillig mezelf laten afleiden door die van mezelf. Ik ben zelf een van de barbaren geworden. Als ik genoeg fatsoen had, moest ik mezelf maar aan een mammoet voeren.
Meer samen
Maar is mijn leven er nu subiet moeilijk op geworden? Ach, welnee. En ja, het is vast makkelijker om thuis te werken als je geen kinderen hebt. Kinderen, die als een soort van lachspiegel je allerslechtste eigenschappen uitvergroot naar je terug reflecteren. Want van wie zouden ze het toch hebben? Ik heb alleen een vriendin, die het overigens ook goed uithoudt. We kibbelen wat vaker. Was te verwachten als je meer tijd samen doorbrengt, volgens de wet van waarschijnlijkheid.
Ik drink zelfs minder.
Het meest opzienbarende daaraan is: ik vind het niet eens vervelend om minder te drinken. Want tijdens een avondje thuis is een kopje thee eigenlijk wel comfy. En avondjes thuis heb ik nu meer dan genoeg. Het weer wordt warmer en ik hoor steeds meer geluiden om me heen van mensen die het wel welletjes vinden met die intelligente lockdown. Ik niet. Ik kan het nog wel een tijdje uithouden zo, met mijn balkon en een bewandelbaar park op kruipafstand. Fuck de diem! Ik carp lekker nog een filmpje thuis op de bank.
*Telefoon op de vliegtuigmodus, hebben we daar nu ook wat aan.